Interactie tijdens je presentatie: zo betrek je je publiek echt

"Begin je presentatie met een vraag aan de zaal."

Het is misschien wel het meest gegeven presentatie advies dat ik ken. Zoek online naar tips voor meer interactie tijdens een presentatie en de kans is groot dat je dit advies meerdere keren tegenkomt. Het klinkt ook logisch. Een vraag zet mensen aan het denken, breekt het ijs en zorgt ervoor dat je publiek direct actief meedoet.

Toch ben ik het lang niet altijd eens met dat advies.

Tijdens een training stelde een deelnemer zichzelf voor. Althans… dat was de bedoeling. Nog voordat hij had verteld wie hij was of wat hij deed, begon hij met een vraag aan de groep. Na afloop vroeg ik waarom hij daarvoor had gekozen.

"Dan ligt de aandacht heel even niet op mij," antwoordde hij.

Ik vond het een eerlijk antwoord. En misschien nog wel belangrijker: een heel herkenbaar antwoord. Veel mensen nemen presentatieadviezen over omdat ze ergens hebben gelezen dat ze werken. Zonder zich af te vragen waarom ze die techniek eigenlijk inzetten.

Dat zie ik niet alleen bij vragen aan het publiek. Ook een poll, handen opsteken of een interactieve opdracht worden soms gebruikt omdat het 'goed is voor de interactie'. Maar een techniek is nooit een doel op zich. Het is een middel.

En daar zit volgens mij precies het verschil tussen een presentatie die aardig is en een presentatie die echt impact maakt.

Waarom interactie met je publiek tijdens een presentatie niet altijd het doel is

Wanneer iemand mij vraagt hoe hij meer interactie met zijn publiek kan creëren, stel ik meestal eerst een andere vraag terug.

"Wat wil je dat jouw publiek na afloop meeneemt?"

Wil je mensen inspireren? Wil je dat ze overtuigd raken? Moeten ze iets leren, een besluit nemen of juist met elkaar in gesprek gaan? Pas als dat helder is, kun je bepalen welke vorm van interactie daarbij past.

Toch gebeurt het in de praktijk vaak andersom. Eerst zoeken we naar werkvormen en technieken, daarna proberen we die in een presentatie te verwerken. Alsof een presentatie automatisch beter wordt wanneer mensen vaker hun hand opsteken of antwoord geven op een vraag.

Interactie is niet hetzelfde als betrokkenheid

Sterker nog, ik heb presentaties meegemaakt waarin nauwelijks een vraag werd gesteld, terwijl je een speld kon horen vallen. Iedereen luisterde aandachtig, dacht mee en hing aan de lippen van de spreker. Ik heb ook sessies gezien waarin om de paar minuten om een reactie uit de zaal werd gevraagd, terwijl de aandacht langzaam weglekte.

De hoeveelheid interactie zegt dus verrassend weinig over de kwaliteit van een presentatie. Betrokkenheid wel.

Welke vorm van interactie past bij jouw presentatie?

Een inspirerende keynote voor driehonderd mensen vraagt iets heel anders dan een workshop met twaalf collega's. Tijdens een MT-overleg wil je misschien juist het gesprek op gang brengen, terwijl je tijdens een congres eerst een verhaal wilt neerzetten dat mensen raakt.

Er bestaat daarom niet zoiets als dé ideale hoeveelheid interactie.

Stel je voor dat je een presentatie geeft over een ingrijpende verandering binnen de organisatie. Je opent met een persoonlijk verhaal over waarom die verandering nodig is. Op dat moment zou een vraag aan de zaal de spanning juist kunnen doorbreken. Je haalt mensen uit het verhaal, terwijl je ze eigenlijk eerst mee wilt nemen in jouw boodschap.

In een andere situatie kan diezelfde vraag juist precies zijn wat nodig is om mensen actief mee te laten denken. Het gaat om de afweging. En die afweging maak je alleen wanneer je vooraf weet welk effect je wilt bereiken.

De grootste fout? Denken dat interactie altijd zichtbaar moet zijn!

Wanneer we het hebben over interactie tijdens een presentatie, denken veel mensen aan deelnemers die hun hand opsteken, reageren op vragen of met elkaar in gesprek gaan. Dat is ook een vorm van interactie, maar zeker niet de enige.

Een publiek kan namelijk ontzettend betrokken zijn zonder één woord te zeggen.

Denk maar eens terug aan een presentatie die je zelf indrukwekkend vond. De kans is groot dat je niet voortdurend aan het reageren was. Waarschijnlijk luisterde je aandachtig, dacht je mee en was je benieuwd naar wat er zou komen. Je was betrokken, juist omdat de spreker je meenam in zijn verhaal.

Dat is voor mij de essentie van een goede presentatie. Niet hoeveel mensen iets zeggen, maar hoeveel mensen mentaal aanwezig zijn.

Dat vraagt soms om een vraag aan de zaal. Soms om een persoonlijke anekdote. Soms om een stilte. En soms juist om niets anders dan een goed verteld verhaal.

Geef iedereen een eersteklas plaats

Tijdens trainingen zie ik nog een patroon dat veel invloed heeft op de betrokkenheid van een groep. Een deelnemer reageert enthousiast op een vraag. De spreker haakt erop in, stelt een vervolgvraag en voordat hij het doorheeft, voeren ze samen een gesprek. De rest van de groep kijkt toe.

Dat is heel menselijk. Als iemand enthousiast meedoet, is het verleidelijk om daar je aandacht op te richten. Toch gebeurt er ondertussen iets anders in de zaal. De mensen die niet aan het woord zijn, veranderen langzaam van deelnemer in toeschouwer.

Daarom gebruik ik tijdens trainingen vaak de uitspraak:

Geef niemand een tweederangskaartje.
— Lindy Bremer

Iedereen heeft tijd vrijgemaakt om naar jouw presentatie te luisteren. Iedereen verdient het gevoel dat jij ook tegen hém of haar spreekt.

Dat betekent niet dat je geen reacties uit de zaal moet gebruiken. Integendeel. Reacties maken een presentatie vaak levendig en waardevol. De kunst is alleen om een reactie niet bij die ene persoon te laten.

Vat het antwoord kort samen. Verbind het aan jouw verhaal. Maak vervolgens weer contact met de hele groep. Zo blijft iedereen onderdeel van het gesprek.

Meer betrokkenheid door de regie te houden

Sommige sprekers zijn bang dat ze de presentatie te strak leiden. Ze willen ruimte geven aan spontane reacties en zijn bang om deelnemers af te kappen.

Dat begrijp ik. Tegelijkertijd verwachten mensen ook sturing gezien jij de gids bent tijdens jouw presentatie.

Regie houden betekent niet dat je alles controleert. Het betekent dat jij bepaalt welke bijdrage het verhaal verder helpt en wanneer het tijd is om weer terug te keren naar de kern. Juist daardoor voelt een presentatie veilig. Voor jezelf én voor je publiek.

Mensen weten waar ze aan toe zijn. Er is ruimte voor interactie, maar altijd in dienst van de boodschap die je wilt overbrengen.

Sluit je presentatie sterker af

Er is nog één presentatie gewoonte die ik regelmatig zie en die zonde is van een verder sterke presentatie. Na een zorgvuldig opgebouwd verhaal zegt de spreker: "Zijn er nog vragen?"

Natuurlijk is het goed om ruimte te geven voor vragen. Vaak ontstaan daar juist mooie gesprekken en waardevolle connecties uit. Alleen zou ik er nooit je afsluiting van maken.

Een presentatie verdient een einde. Een laatste gedachte die blijft hangen. Een conclusie waar je publiek nog even over nadenkt voordat de vragen beginnen.

Rond daarom eerst bewust af. Vertel wat je belangrijkste boodschap is, bedank je publiek en laat heel even een stilte vallen. Pas daarna nodig je mensen uit om vragen te stellen.

Het lijkt een klein detail, maar het verschil is groot. Jij bepaalt hoe jouw verhaal eindigt, in plaats van dat de laatste indruk wordt gevormd door de eerste vraag uit de zaal.

5 praktische tips voor meer interactie met je publiek

Misschien herken je jezelf in één of meer van deze situaties. Dan hoef je echt niet je hele presentatie om te gooien. Vaak maken juist kleine aanpassingen een groot verschil.

  1. Bedenk eerst wat je wilt bereiken. Kies daarna pas of interactie daarbij helpt.

  2. Gebruik vragen bewust. Niet omdat het een bekende presentatietechniek is, maar omdat de vraag jouw verhaal verder brengt.

  3. Maak van één reactie weer een gesprek met de hele groep. Zo blijft iedereen betrokken.

  4. Verdeel je aandacht. Kijk niet alleen naar de mensen die veel reageren, maar maak contact met de hele zaal.

  5. Geef je presentatie een echte afsluiting. Bewaar de vragen tot ná je slotboodschap.

Uiteindelijk draait het om impact

Een goede presentatie herken je niet aan het aantal vragen dat is gesteld of aan hoe vaak mensen hun hand hebben opgestoken. Je herkent haar aan wat er na afloop blijft hangen.

Weten mensen nog wat jouw belangrijkste boodschap was? Heb je ze aan het denken gezet? Hebben ze iets gevoeld of besluiten ze morgen iets anders te doen? Dan heb je bereikt waar interactie eigenlijk voor bedoeld is.

Tijdens de training Spreken met Impact werken we daarom niet met standaardlijstjes of trucjes die je in iedere presentatie kunt toepassen. We kijken eerst naar jouw verhaal, jouw publiek en het effect dat je wilt bereiken. Pas daarna kiezen we de technieken die daarbij passen.

Want uiteindelijk is interactie geen doel op zich. Een betrokken publiek wel.

Nieuwsgierig geworden hoe we jou hierbij kunnen helpen? Plan dan vrijblijvend een kennismakingsgesprek in.

Een Michelinchef geeft een presentatie aan een publiek.
Lindy Bremer

Lindy Bremer (31) is ondernemer, spreker en trainer, en oprichter van BeBold Academy en BoldSpace, een vergaderlocatie in Den Haag. Haar carrière begon aan het Koninklijk Conservatorium en bracht haar als professioneel ballerina op podia in binnen- en buitenland. De ervaring om letterlijk in de spotlights te staan — én om te gaan met afwijzing en onzekerheid — vormt vandaag de basis van haar werk.

Inmiddels begeleidde zij meer dan 3.000 cursisten en geeft zij trainingen over persoonlijk leiderschap en storytelling. Met BeBold Academy helpt ze mensen hun verhaal helder te formuleren, zichtbaarder te worden en met meer vertrouwen hun boodschap over te brengen. Wil je op de hoogte blijven? Volg haar dan via LinkedIn.

Volgende
Volgende

Presentatie voorbereiden? Zo pak je het stap voor stap aan.