Onderhandelen: het verschil tussen star en flexibel
Veel mensen denken dat goed onderhandelen betekent dat je vooral niet moet toegeven. Vasthouden aan je standpunt. Druk zetten. Niet bewegen.
Maar het grootste verschil tussen sterke en middelmatige onderhandelaars zit niet in starheid — het zit in flexibiliteit.
Star zijn lijkt krachtig, maar zorgt vaak voor weerstand en stilstand. Flexibel zijn betekent niet dat je alles weggeeft. Het betekent dat je duidelijk bent over wat voor jou écht belangrijk is, terwijl je openstaat voor verschillende manieren om daar te komen.
Wil je een sterkere positie tijdens onderhandelen?
Dan raad ik je aan hierop te letten:
Tip 1: Weet wat je echte doel is
Verwar je standpunt niet met het belang dat je ehbt. Vraag jezelf af: waar gaat dit mij écht om? Geld, erkenning, zekerheid, samenwerking? Als je je kernbelang kent, kun je flexibeler zijn in de vorm hoe je dat weet te bereiken.
Tip 2: Stel meer vragen dan je argumenten geeft
Wie de meeste informatie heeft, heeft het meeste inzicht. Door te begrijpen wat voor de ander belangrijk is, ontstaan er oplossingen waar je samen beter van wordt.
Tip 3: Werk met meerdere opties
Ga nooit een onderhandeling in met maar één mogelijke uitkomst. Denk vooraf in scenario’s: ideaal, realistisch en minimaal. Dat geeft rust, zelfvertrouwen en bewegingsruimte.
Wil je meer te weten komen over ook hoe jij beter kan leren onderhandelen? Kijk dan hier.
Trainer en onderhandelingsexpert, Pieter Tammens

